De keerzijde van aannames

Aannames en oordelen. We doen en hebben ze allemaal. Ze kunnen ook heel nuttig zijn. Bijvoorbeeld de aanname dat iemand die ogenschijnlijk zoekend rondloopt met een kaart in zijn hand de weg kwijt is. Je kunt dan je hulp aanbieden, best nuttig!
Toch zeggen we ook: pas op met het doen van aannames. En dat is ook zeker waar. Want aannames en oordelen kunnen tot vervelende situaties leiden. Een “mooi” voorbeeld zijn roddels: vaak gebaseerd op aannames, oordelen en zelden volledig waar. Ze kunnen mensen veel pijn doen en kunnen leiden tot nare dingen.

Aannames kunnen ook heel belemmerend en remmend werken. Wie kent niet de gedachte: ”als ik dit zeg of doe, dan vinden ze daar vast …. van?”.  Dat is een aanname. Als vervolgens de actie is “dan doe ik het maar niet”, heb je de remmende werking van die aanname al te pakken.

Tijdens coaching stuit ik regelmatig op aannames die een coachee doet en die de coachee in de weg staan. Even zo vaak is de conclusie dat die aanname helemaal geen waarheid is of hoeft te zijn.

Hoe kun je nou omgaan met dergelijke aannames? Allereerst moet je je bewust zijn van of je een aanname doet. Wat kan helpen is om jezelf de volgende vragen te stellen (naar Byron Katie, the Work):
– Is het waar wat ik nu denk?
– Weet ik absoluut zeker dat het waar is wat ik denk?

Durf je aannames eens uit te dagen of op zijn minst te checken. Het checken en uitspreken van verwachtingen naar elkaar toe, kunnen al een heleboel belemmerende aannames weg nemen en deuren openen om toch tot een actie te komen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *